Football/Soccer Session (Moderate): geavanceerd

See the guidance at the top of this page to understand why you are not seeing interactive Football/Soccer images.

See the guidance at the top of this page to understand why you are not seeing interactive Football/Soccer images.
de keeper:
Wij werken met een voetballende keeper die actief meedoet in de opbouw van achteruit. De keeper fungeert als extra veldspeler en biedt zich actief aan wanneer de verdedigers onder druk staan of geen afspeelmogelijkheden meer hebben.
bij de keeper vind ik het belangrijk dat hij korte ballen geeft (dus zo min mogelijk lange ballen naar voren) en een belangrijke rol speelt in de opbouw. verder staat de keeper op een overzichtelijke positie dus word er van hem verwacht dat hij helpt bij het verdedigend coachen
de situatie hierboven schets een doeltrap van de keeper:
in dit voorbeeld dribbelt de keeper ongeveer 9 meter naar voren. dit zorgt er waarschijnlijk voor dat de aanvallers van de tegenstander druk gaan zetten op de keeper. waardoor er sowieso 1 vrije man komt. waar vaak naar toe gepasst kan worden. daarna heeft hij meerde opties om te passen.
de keeper heeft meerdere altijd opties:
Optie 1: Centrale verdediger inspelen
Eerste keuze: spelen op de centrale verdediger.
Via deze optie kan het team gecontroleerd verder opbouwen over de grond.
Optie 2: Centrale middenvelder (mid-mid) inspelen
Tweede voorkeur: de centrale middenvelder (CM).
Deze speler kan terugkaatsen of opendraaien en zo het spel voortzetten.
Optie 3: Vleugelmiddenvelders (LM/RM)
Als er ruimte ligt aan de buitenkant, kan de keeper een lange, maar gerichte pass geven op een van de vleugelmiddenvelders.
Deze optie creëert vaak diepte en breedte.
Optie 4: Spitsen direct aanspelen
Als alle korte opties geblokkeerd zijn, speelt de keeper een lange bal op een van de twee spitsen.
Dit is een noodoplossing, bedoeld om onder hoge druk uit te komen, als de wedstrijd hierom vraag mag de lange bal zeker gespeeld worden
De keeper staat op een overzichtelijke positie en wordt geacht het team defensief te coachen en organiseren.
Taken hierbij zijn:
Verdedigers aansturen (“sluiten”, “druk”, “rugdekking”)
Middenvelders wijzen op ruimte en tegenstanders
Team compact houden bij omschakeling

See the guidance at the top of this page to understand why you are not seeing interactive Football/Soccer images.
de centrale verdedigers:
Er wordt gewerkt met centrale verdedigers die actief meedoen in de opbouw van achteruit. Zij zijn niet alleen verantwoordelijk voor het verdedigen, maar ook voor het starten van het spel. Ze vormen samen met de keeper het begin van de opbouw en moeten rust uitstralen aan de bal.
De centrale verdedigers spelen een belangrijke rol als het gaat om overzicht, passes geven en het coachen van teamgenoten. Ze blijven altijd alert, ook als het team de bal heeft.
In balbezit (opbouwfase)
Bij de centrale verdedigers is het belangrijk dat ze:
kort en zuiver passen
overzicht houden over het veld
goed vrijlopen en aanspeelbaar zijn (vooral voor de keeper)
het spel durven verleggen naar de zijkanten of terug naar de keeper
Ze staan vaak breed als het team de bal heeft, zodat ze ruimte maken voor de opbouw. Een van de twee verdedigers kan eventueel indribbelen als daar ruimte voor is, maar de ander blijft dan altijd achter voor de zekerheid.
Spelsituatie: opbouw van achteruit (bijvoorbeeld bij een doeltrap)
De keeper heeft de bal. De twee centrale verdedigers staan laag en breed. Zodra de keeper naar voren dribbelt, komt vaak één verdediger vrij, doordat de tegenstander druk zet op de bal. Dat is een ideaal moment om in te spelen.
Vanaf dat moment heeft de verdediger meerdere keuzes om het spel voort te zetten.
Opbouwopties voor de centrale verdediger
Optie 1: Inspelen op de centrale middenvelder (CM)
De eerste keuze is vaak de centrale middenvelder. Deze speler kan terugkaatsen of opendraaien. Zo blijft het team in balbezit en wordt het spel rustig voortgezet.
Optie 2: Pas naar de vleugelmiddenvelder (LM of RM)
Als de tegenstander het centrum dichtzet, ligt er vaak ruimte aan de zijkant. Dan kan de verdediger passen op de vleugelmiddenvelder. Dit zorgt voor breedte en ruimte.
Optie 3: Terug naar de keeper
Als er geen goede optie naar voren is, is de bal terug naar de keeper een veilige keuze. Zo kan opnieuw worden opgebouwd, in plaats van risico te nemen.
Optie 4: Lange bal naar de spitsen
Als alles vaststaat en er veel druk is, mag de verdediger een lange bal geven. Dit is geen voorkeursoptie, maar soms nodig om onder druk uit te komen.
Verdedigende taken
De centrale verdedigers zijn verantwoordelijk voor het verdedigen van het midden van het veld. De zijkanten worden verdedigd door de vleugelmiddenvelders. Door het centrum gesloten te houden, wordt het voor de tegenstander moeilijk om tot kansen te komen.
Bij balverlies zakken de verdedigers snel in en vormen samen met de keeper een blok. Eén verdediger stapt eventueel uit naar de bal, terwijl de andere rugdekking geeft.
Ze staan compact, helpen elkaar en houden altijd de linies gesloten. Als het midden wordt open gelaten, ontstaan er gevaarlijke situaties.
in het voorbeeld hierboven zie je een 2v2 situatie in het midden van hel veld. een verdediger gaat op de man af met de bal en stapt op het juiste moment in. de andere verdediger. houdt de aanvaller zonder bal in de gaten en geeft rugdekking. het grijze vak geeft het speelvak van de verdigers aan
Coachende rol
De centrale verdedigers staan in een positie waar ze goed overzicht hebben. Ze helpen het team door duidelijk te praten en aanwijzingen te geven.
Taken hierbij zijn:
verdedigers en middenvelders aansturen: “sluit aan”, “druk zetten”, “rugdekking”
teamgenoten wijzen op tegenstanders: “let op in je rug”, “hou hem buiten”
team compact houden bij balverlies: snel terugzakken, midden dicht

See the guidance at the top of this page to understand why you are not seeing interactive Football/Soccer images.
de centrale middenvelder (mid-mid)
De centrale middenvelder (ook wel “mid-mid”) is het hart van het team. Deze speler verbindt verdediging en aanval, helpt mee in de opbouw en zorgt dat het team in balans blijft. Vaak is dit de speler die het spel verdeelt, keuzes maakt, en altijd in beweging is.
De centrale middenvelder moet overzicht hebben, veel lopen en slim staan. Er wordt verwacht dat deze speler meehelpt in het verdedigen én in het aanvallen.
In balbezit (opbouwfase)
De centrale middenvelder:
beweegt zich slim vrij tussen de linies
biedt zich constant aan als afspeelmogelijkheid
draait open als dat kan en speelt vooruit
kaatst terug als de tegenstander dichtbij staat
durft het spel te verplaatsen naar de zijkanten
In de opbouw is deze speler vaak optie 2 voor de keeper of verdediger. Als het lukt om deze speler in te spelen, kan het team meteen richting de aanval denken.
Spelsituatie: opbouw via centrale middenvelder
De keeper speelt de bal naar een centrale verdediger. Die ziet dat de centrale middenvelder vrijstaat en speelt de bal in. De middenvelder:
draait open omdat er ruimte is
speelt direct de bal in op de spits
loopt zelf door om eventueel de bal terug te krijgen
hierdoor komt het team in een aanvalssituatie
Als de tegenstander druk zet, kiest de middenvelder ervoor om terug te spelen op de verdediger of de keeper. Rust bewaren is belangrijker dan risico nemen.
in het voorbeeld hierboven zie je een 5v4 situatie. de mid mid heeft de bal. de tegenstander in het blauw staat 1op1 en een speler van de tegenstander kiest ervoor om druk te zetten op de mid-mid. hierdoor komt een van onze vleugelmiddenvelders vrij mett een kleine loop actie waardoor de mid-mid de bal kwijt kan. deze situtaite laat zien hoe de centrale middenvelder zijn overzicht gebruikt
Opbouwopties voor de centrale middenvelder
Optie 1: Open draaien en vooruit passen op de spits of vleugelmiddenvelder
Als er ruimte is, wordt vooruit gespeeld en komt het team in de aanval.
Optie 2: Kaatsen op de verdediger of keeper
Als er druk is en de middenvelder staat met de rug naar de tegenstander, wordt er teruggespeeld zodat het spel verplaatst kan worden.
Optie 3: Verleggen naar de andere vleugel
Als één kant dicht is, wordt het spel verplaatst naar de andere zijkant waar meer ruimte ligt.
Optie 4: Zelf doordribbelen
Als er ruimte ligt en geen directe tegenstander in de buurt is, mag de middenvelder zelf indribbelen en zo de aanval inzetten.
Verdedigende taken
Bij balverlies helpt de centrale middenvelder direct mee:
terugzakken naar de verdedigers om zo de 3de centrale verdediger te worden
druk zetten op de bal
passes van de tegenstander proberen te onderscheppen
De centrale middenvelder moet altijd zorgen dat het centrum (midden) van het veld dicht is. De vleugels worden verdedigd door de vleugelmiddenvelders, het midden door de CM en de centrale verdedigers.
Coachende rol
De centrale middenvelder praat veel en helpt anderen:
waarschuwen voor tegenstanders in de rug
spelers aanspelen en aangeven waar ze naartoe kunnen
het team aansturen bij omschakeling (bijvoorbeeld “druk” of “terug!”)

See the guidance at the top of this page to understand why you are not seeing interactive Football/Soccer images.
de vleugel middenvelders
De vleugelmiddenvelders (linker- en rechter middenvelder) spelen aan de zijkanten van het veld. Ze zorgen voor breedte, diepte en tempo. Deze spelers zijn constant in beweging: soms breed aan de zijlijn, soms naar binnen om te combineren. Ze helpen zowel in de aanval als in de verdediging.
Een vleugelmiddenvelder moet veel rennen, slim vrijlopen en meeverdedigen.
In balbezit (aanvallen)
De vleugelmiddenvelder:
blijft breed staan als het team opbouwt, zodat het veld groot wordt
biedt zich aan als afspeelmogelijkheid aan de zijkant
dribbelt vooruit als er ruimte is
kan een voorzet geven naar de spitsen of zelf op doel schieten
speelt snel in en loopt door voor een 1-2'tje
durft het spel te verplaatsen naar de andere kant
Vaak komt de pass van de keeper, centrale verdediger of middenvelder naar de vleugelspeler. Als die bal goed komt, is er veel ruimte voor actie.
Spelsituatie: aanvallen via de zijkant
De centrale verdediger ziet dat de rechtervleugelmiddenvelder vrij staat. Die krijgt de bal aan de zijlijn, neemt aan, dribbelt naar voren en:
speelt een voorzet op één van de spitsen
of kapt naar binnen en speelt in op de centrale middenvelder
of schiet zelf als er ruimte ligt
Doordat de vleugelmiddenvelder breed staat, moet de tegenstander kiezen: meegaan of het midden vrijlaten. Zo ontstaat er ruimte op het veld.
Opbouwopties voor de vleugelmiddenvelder
Optie 1: Zelf dribbelen naar voren langs de lijn
Als er ruimte ligt, is het slim om meters te maken. Vaak kan dan een voorzet volgen.
Optie 2: Kaatsen naar middenvelder of verdediger
Als de tegenstander druk zet, is terugspelen een veilige optie.
Optie 3: Combineren (1-2) met spits of CM
Een slimme combinatie zorgt voor snelheid in het spel en verrassing.
Optie 4: Naar binnen snijden en schieten of passen
Als de tegenstander ruimte laat, kan de vleugelspeler naar binnen dribbelen en gevaarlijk worden.
Verdedigende taken
De vleugelmiddenvelders verdedigen de zijkanten van het veld. Dit is hun belangrijkste verdedigende taak.
Bij balverlies:
direct terug sprinten
druk zetten op de bal aan de zijlijn
meehelpen om de opbouw van de tegenstander af te stoppen
zorgen dat de backs of vleugelspelers van de tegenstander niet makkelijk door kunnen
De vleugelmiddenvelder hoeft het midden niet te verdedigen – dat is voor de centrale spelers. Maar het team moet wel in balans blijven.
Coachende rol
De vleugelspeler helpt met:
“breed blijven!” roepen naar andere vleugelspeler
medespelers vragen om de bal in de voet of in de ruimte
snel schakelen bij balverlies

See the guidance at the top of this page to understand why you are not seeing interactive Football/Soccer images.
In deze opstelling spelen er twee spitsen. Zij zijn het dichtst bij het doel van de tegenstander en zorgen voor doelpunten, dreiging en druk naar voren. Ze werken samen, blijven in beweging en zorgen ervoor dat het team gevaarlijk wordt in de aanval.
Een spits moet scoren, maar ook meevoetballen en ruimte maken voor anderen.
In balbezit (aanvallen)
De spitsen:
zoeken slim naar ruimte tussen en achter de verdediging
bewegen schuin of kruisen met elkaar om verwarring te zaaien
bieden zich aan in de voet of in de diepte
proberen de bal vast te houden zodat het team kan aansluiten
passen naar de vleugelmiddenvelders of terug op het middenveld
proberen natuurlijk altijd te scoren als ze dichtbij het doel zijn
De spitsen moeten samenwerken: soms komt de bal naar de ene, en maakt de ander een loopactie om aangespeeld te worden.
Spelsituatie: aanval via de rechterkant
De rechter vleugelmiddenvelder dribbelt naar voren en geeft een voorzet. Eén van de spitsen loopt naar de eerste paal, de ander naar de tweede paal. Zo ontstaat er ruimte, en is de kans groot dat er iemand vrij komt om te scoren.
Krijgt één van de spitsen de bal in de voeten? Dan kan:
er worden geschoten
teruggespeeld worden op de middenvelder
een actie worden gemaakt om de tegenstander uit te kappen
Opbouwopties met de spitsen
Optie 1: Bal in de voet vragen en vasthouden
Als de spits de bal ontvangt met rug naar het doel, kan hij terugkaatsen op een middenvelder.
Optie 2: Diepte lopen achter de verdediging
Wanneer een middenvelder ruimte ziet, kan de spits diep lopen om een steekpass te krijgen.
Optie 3: Combineren met medespits
De spitsen kunnen met elkaar een 1-2 spelen of kruisen van loopactie om ruimte te maken.
Optie 4: Meehelpen in de opbouw
Als het team onder druk staat, kan een spits terugzakken naar het middenveld om aanspeelbaar te zijn.
Verdedigende taken
Ook spitsen moeten meehelpen zonder bal:
als eerste druk zetten op de bal (vooral na balverlies)
zorgen dat de tegenstander niet rustig kan opbouwen
de opbouw van de tegenstander naar de zijkanten sturen (niet door het midden laten komen)
helpen bij het sluiten van passlijnen naar de middenvelders van de tegenpartij
Spitsen verdedigen niet achterin, maar ze zijn belangrijk bij het hoog druk zetten.
Coachende rol
De spitsen kunnen:
elkaar coachen in loopacties (“jij diep, ik kom in de bal”)
vragen om de bal (“speel in!” of “diep!”)
aangeven waar ruimte ligt (“kijk rechts!”)

See the guidance at the top of this page to understand why you are not seeing interactive Football/Soccer images.

See the guidance at the top of this page to understand why you are not seeing interactive Football/Soccer images.

See the guidance at the top of this page to understand why you are not seeing interactive Football/Soccer images.
Play animation
Play step-by-step
Repeat (toggle)
Full Screen
Pause
Stop
inleiding
Deze opstelling & tactiek zullen wij aankomend seizoen gaan gebruiken in de JO12-lichting.
in dit document de uitgebreide versie van de tactiek. elke trainer & speler zal dit net iets anders uitvoeren ook afhankelijk van de type spelers en het niveau. de gehele jo12 lichting aankomend seizoen zal deze opstelling gaan spelen.
waarom deze opstelling?
deze opstelling biedt een uitstekende balans tussen verdediging, middenveld en aanval. voor de ontwikkeling van voetbalkwaliteiten en tactisch inzicht is dit een populaire en goede opstelling voor onze leeftijdscategorie. deze opstelling vraagt het team om echt samen te werken.
enkele belangrijke punten van deze opstelling zijn:
echter heeft deze opstelling ook wat valkuilen (zoals alle opstellingen)
hier de belangrijkste:
De opstelling: 1-2-3-2 (de Diamant)
wij spelen 1-2-3-1 de posities bestaan uit:
keeper:
wij werken met een voetballende keeper, de keeper biedt zich aan als de verdigers de bal niet kwijt kunnen. de keeper wilt opbouwen en veel voetballend oplossen, maar mocht de situatie hierom vragen geeft de keeper een lange bal naar voren
centrale verdedigers:
zijn belangrijk in de opbouw en werken samen met de keeper en het middenveld in de verdediging. bij een aanval schakelen ze om tot ongeveer het midden van het veld
vleugelmiddenvelders:
spelen aan de zijkant van het veld en in de belangrijkste linie van de opstelling. de vleugels moeten ervoor zorgen bij een tegenaanval dat zij de zijkant verdedigen. bij een aanval spelen zij een vrije rol en doen actief mee in de aanval
centrale middenvelders:
het hart van de opstelling. helpt met de verdediging en doet mee in de aanval. is een belangrijke pion in de opbouw
spitsen:
de afmakers. voetballen veel mee en waar nodig komen zij de bal ophalen in het middenveld. werken samen door combinaties aan te gaan maken gebruik van de diensten van het middenveld
competenties:
de vereiste voetbal competenties voor deze opstelling zijn: