Hockey Session (Under 14s): KP Training 16 MO14-2 27-3-2024

See the guidance at the top of this page to understand why you are not seeing interactive Hockey images.

See the guidance at the top of this page to understand why you are not seeing interactive Hockey images.
Oefening 1
Leg evt touw op 23 meter lijn
Spelers gaan ieder aan een kant van het touw staan (afhankelijk van niveau afstand groter maken) en proberen elkaar binnen een bepaalde tijd zo vaak mogelijk aan te spelen dmv lift pass. Probeer bal max 20 cm boven de grond te spelen (variatie: backhand, eerst oplopen en dan passen
Oefening 2
A rechts instappen, terughalen en versnellen
B dubbel dummy
C turn
afmaken op goal
Oefening 3
A passt naar B die komt inlopen
neemt bal vloeiend mee naar rechter pion en passt A weer aan.
B loopt terug naar gele pion en loopt weer in op de bal die A inspeelt
neemt bal nu vloeiend mee naar linkerpion (op FH) en passt A weer aan
B loopt weer terug naar gele pion
A passt bal weer naar B en laat bal langs rechterkant lichaam gaan
tikt bal naar rechts, draait naar FH en maakt af op goal.
Oefening 4
A loopt op vanaf de middellijn en probeert de bal over 23 meter te drijven
B verdedigt en bal af te pakken en te scoren door te drijven over de middellijn
(A mag kont er niet in gooien, dus moet passeren dmv lift, dummy, drag, haring etc - wanneer bal wordt afgepakt tackle back uitvoeren)
(B niet happen)

See the guidance at the top of this page to understand why you are not seeing interactive Hockey images.
A speelt naar B en loopt richting pion 2
B loopt op met de bal richting pion en speelt de bal terug naar A die in de guard komt
A passt terug naar B die aanneemt op backhand, bal meeneemt toch achterlijn richtingcirkel loopt en dan de bal loodrechts speelt op A die is ingelopen naar de cirkel.
A maakt af en wanneer A niet scoort gaat B voor rebound

See the guidance at the top of this page to understand why you are not seeing interactive Hockey images.
Organisatie:
- Flatsen en vrijlopen.
- Speler B gaat vrijlopen achter het rode of blauwe poortje. Speler A flatst de bal naar speler B door het poortje heen waar die vrij staat. Speler B gaat nu de bal terugflatsen naar speler A door het andere poortje, waar de eerste bal dus niet doorheen is gegaan!
Speler A loopt de cirkel in met de bal en flatst/slaat de bal op doel. - Bij C/D hetzelfde, alleen zie je daar de andere volgorde qua poortjes. Aan beide kanten kiezen speler zelf waar ze vrijlopen.
Accenten:
- Flatsen. Zorg dat de speler: start met de handen uit elkaar (standaard hockeyhouding), dan de bal rechts schuin naar voren voor zichzelf neerlegt (zorg dat er ongeveer een sticklengte past tussen linkervoet en bal), door de knieen gaat, linkervoet voor en rechtervoet achter zet, handen bij elkaar doet, stick achter zich legt (op 6 uur op de klok gezien), stick als een tegengestelde klok naar de bal laat gaan, bal raakt en nawijst waar die naartoe moet.
Differentiatie:
- Makkelijker: trainer bepaald achter welke pion speler B/D vrijloopt.
- Moeilijker: Slaan ipv flatsen. Let erop bij het slaan dat de bal iets dichterbij de linkervoet ligt dan bij de flats. stick naar achter zwaaien en niet omhoog (stick mag niet boven de schouders)
- Moeilijker: maak er een 2 tegen 1 van: haal de pionnen weg en zet daarvoor in de plaats een verdediger.

See the guidance at the top of this page to understand why you are not seeing interactive Hockey images.
Partijtje - recht halen
7x7 (of 5x5) - oneven kan ookOranje start en wil scoren in de grote goal. Blauw kan omschakelen door recht te halen door door één van de 2 goaltjes te drijven of één van zijn medespelers aan te spelen door het goaltje.

See the guidance at the top of this page to understand why you are not seeing interactive Hockey images.
Organisatie:
Veld wordt dmv pionnen verdeeld in 2 velden. Spelers moeten aan hun kant blijven. Oranje start op rand cirkel en wil scoren in de goal op de middellijn.
Blauw probeert bal te onderscheppen en zo snel mogelijk door te passen naar de helpkant waar 4 blauwe spelers proberen te scoren in de goal in op de achterlijn.
Zodra één van de partijen scoort mogen aanvallers aan andere zijde proberen te scoren
Accenten:
Differentiatie:
Play animation
Play step-by-step
Repeat (toggle)
Full Screen
Pause
Stop
Balvaardigheid drijven met de bal. Overlopertje.
Alle blauwe spelers hebben 1 bal - De oranje speler moet de bal afpakken
Afpakken dus niet weg tikken of slaan
Als oranje bal afpakt wisselen van lummel.
- Spelen met breedte van het veld.
- Bal aan de stick houden
- Loop je zelf het vak uit ook lummel